Instructie voor de Raad van State der Vereenigde Nederlanden 12 April 1588
I. In den voorschreven Raedt sullen begrepen wesen ende tot allen tijden daerin compareren, plaetse en stemme hebben de Gouverneurs van de respective provincien, daer deselve zijn, ende sullen de saecken in denselven Raedt gehandeldt, gedelibereert en getracteert werden by alle behoorlijcke reverentie, respect en modestie, ten meesten dienste van de voorsz. landen, tot goede eenigheydt en vriendtschap onder deselve steden ende leden van dien, eensaemlijck van de heeren, in denselven Raed comparerende onderlinge: ende werden de gouverneurs van de respective provincien en den praesident van den voorsz. Raede indertijdt versocht, goede opsicht te nemen, dat alle particuliere affectien, twistelijcke en inpertinente propoosten (niet raeckende de materie en affairen die gedelibereert werden) werden voorgekomen en gehindert.
II. In den voorschreven Raedt en sullen te samen niet mogen wesen, die malkanderen in consanguiniteyt tot in den vierden grade, en in affiniteyt tot den tweeden grade, naer de reeckeninge van de wereldlijcke rechten, zijn bestaende.
III. En tot beter directie en beleydt van alle voorvallende saecken sal denselven Raedt-ordinaris vergaderen ten negen uyren voor de middagh en ten drie uyren na de middagh; ende sullen de Raeden uyt den voorschreven Raede niet mogen scheyden, sonder voorweten van den raedsheer pracsiderende, ende sullen deselve Raedtsheeren gehouden wesen gestadelijck hen te laten vinden ter plaetse, aldaer denselven Raedt sal besoigneren, en te compareren tot allen tijden, als sy daertoe versocht sullen werden, uytgesondert wettetijcke excusen.
IV. Den voorsz. Raedt sal nemen goedt reguard, ten eynd de landen ende vereenigde provincien, steden ende leden van dien, onderlingh, in conformiteyt van de verbonden tusschen deselve gemaeckt en opgerecht, alsmede deselve met den Gouverneurs en krijghsoversten derselver, midtsgaders deselve Gouverneurs ende krijghsoversten onder den anderen, gesteldt en gehouden werden in goede eendracht.
V. Ende sa! denselven Raedt hebben en gebruycken deselve authoriteyt om te disponeren in de saecken van den oorlogh ende over het volck van oorlogh, in dienste van denselven lande wesende, doende haer beveelen volbrengen door de voorschreve Gouverneurs van de provincien, indertijdt wesende, den admirael ofte andere officieren elcks in hun regard.
VI. Sonder dat syluyden yets sullen mogen doen of attenteren, dat soude mogen strecken tot praejuditie van de privilegien, rechten, vryheden, tractaten, contracten, ordonnantien, statuten, decreten en usantien derselver landen in 't generael ofle van eenige provincien, steden ofte leden van dien in 't particulier.
VII. Den voorschreven Raed sal bevorderen, dat de generale middelen, tot gemeene defensie van den lande, eenpaerlijck en in 't gemeen over alle de geunieerde provincien, geassocieerde landtschappen, steden ende leden van dien, mitsgaders over de quartieren, resorterende onder de Generaliteyt in 't bysonder, geconsenteert en noch te consenteren en tot hare dispositie by de consenten van de provincien gestelt en noch te stellen, wel en alomme eenpaerlijck werden geheven, en dat de pachters en collecteurs derselver werden gehandeldt in 't innen en executeeren van 't geen hen verpacht ofte te collecteren bevoolen sal wesen, ende dat de contraventien van de ordonnantien, daerop gemaeckt of noch te maecken, sonder eenige dissimulatie werden gestraft, sonder dat die van den Raedt van Brabandt of' Vlaenderen haer met de voorsz. middelen of questien ende verschillen, daerover te ontstaen, eenigtisints sullen hebben te bemoeyen.
VIII. Ende sullen op den opheven derselver generale middelen volgen ende doen volgen alsulcke instructien en ordonnantien, als by de Generale Staten daerop gemaeckt zijn ofle noch gemaeckt sullen werden.
IX. Ende in 't doen innen en executeren van deselve gemeene middelen, mitsgaders de consenten van de provincien, ende op den voet, die gedragen sal werden, sal by den voornoemden Raedt tegens de debiteurs, pachters en collecteure, mitsgaders tegens de ingesetenen van de provincien en steden, in gebreecke wesende, en hare goederen werden geprocedeert, gelijck men in dese landen voor 's princen daden ende penningen gewoon is geweest te doen, en volgens de executorien, daertoe te verleenen, behoudelijck dat niemandt en sal werden gevoceert buyten de provincien, daerinne hy woondt, sonder consent van de Staten van deselve provincie.
X. Sullen besorgen ende naerstelijck aenhouden, dat alle comptablen van de Generalileytsmiddelen behoorlijcken reeckenen ter Generaliteyts-reeckenkamer.
XI. De penningen, procederende van de voorsz. geconsenteerde middelen en andere consenten sullen bekeert en geemployeerd werden tot betalinge van den volcke van oorloge ende andere behoeften van den oorloge, in conformiteyt van den consenten van de respective provincien ofte sulcks als in 't generael by de provincien sal werden geordonneerl, tot meesten profijte van den lande, en vooral sal ordre op de monsteringe en discipline militaire over het volck van oorloge gestelt werden, en dat die betaelt mogen werden hooft voor hooft.
XII. Sullen sorge dragen ende de capiteynen, in dienste van den lande zijnde, praeciselijck en op poene van cassatie daertoe houden, dat deselve aen haer soldaten sullen betalen en laten volgen de volle soldye, na de ordre van het landt, sonder oock deselve soldaten af te trecken den achtsten dagh, ende sullen degeene, door welckers aengeven eenige contraventien tegens het gunt voorschreven is, ontdeckt sullen zijn, houden in goede recommandatie, tot bevorderinge en avancement, na gelegentheydt van saecken.
XIII. Alle patenten en beveelen, addrewerende aen het volck van oorloge, sullen werden geteeckent by drie Raeden, wesende van verscheyde provincien, en by den secretaris.
XIV. Gelijck mede alle ordonnantien van betalingen sullen geteeckent werden by de thesaurier en drie van de Raeden, wesende van verscheyde provincien en by den secretaris van denselven Raedt ende en sullen egeen ordonnantien van betalinge in waerden gehouden werden, dan die geteeckendt sullen wesen als boven, met de notule daerop gesteldt wesende.
XV. Sullen oock de handt daeraen houden en, sooverre desnoodts zy, bevorderen dat de convoyen, volgende de consenten ende lysten, by de Staten Generael daerop gemaeckt en noch te maecken, ende van gelijcken oock de licenten, volgende de lijsten daerop gedresseert en noch te dresseren, eenpaerlijck werden geheven en achtervolght, en dat by de Staten van de particuliere provincien, de Gouverneurs deselver, noch de magistraten oft Gemeenten van eenige steden of plaetsen, ofte by yemandt anders, de passagien en uytvoer van de goederen, die behoorlijck en volgens de voorschreve lijste verconvoyt en verlicent zijn, niet verhinderdt en werden, ofte dat yemandt, wie hy zy, boven de voorschreve lysten van deselve goederen, yets eysschen ofte nemen, en dat de contraventien, die directelijck ofle indirectelijck sullen geschieden, gestraft mogen werden exemplaerlijck.
XVI. Sullen de steden laten by hun gebruyck, om in tijde van noodt en als de saecken geen uytstel mogen lijden, hen te water te wapenen ende schepen van oorloge uyt te rusten, tot laste van den lande, omme uyt de voorsz. middelen betaelt te werden, en dat tegens alle pyraten en andere diergelijcke vyanden van 't gemeene beste, deselve te resisteren en in haer geweldt te krijgen, behoudelijck dat de kennisse en straffe, soo over de persoenen als hare schepen en goederen, sal slaen ter decisie van de collegien ter admiraliteyt, in de respective quartieren gesteldt of noch te stellen uyt de provincien, bestaende by de handelinge ende trafique ter zee.
XVII. De Raden van Stalen sullen gehouden wesen, over te leveren aen de Generale Staten ende de Staten van de particuliere provincien, pertinente staet, van drie maenden tol drie maenden, van de lijsten van oorloge ende het inkomen van de middelen, daertoe te consenteren ende den employ van dien.
XVIII. Sullen houden een pertinente lijste van de besettinge van alle steden, forten en plaetsen, sooals deselve van tijdt lot tijdt bevonden sullen werden, ende sullen daervan aen de provincien, des versoeckende, t'allen tijden gehouden zijn copie te laten volgen.
XIX. Sullen na haer vermogen besorgen, dat de palen en limiten van de voorschreve provincien respectivelijck niet en werden vermindert, ende dat alle steden en plaetsen, resorterende onder de Generaliteyt, werden gebracht en gehouden onder gelijcke contributie, tot gemeenen defensie van den lande, voor sooveel mogelijck sal wesen, en dat van gelijcken gebruyckt werden in reguard van de steden en plaetsen, die verovert sullen werden.
XX. Sullen besorgen, dal alle gouverneurs, admiraels, generaels, oversten, ritmeesters, capiteynen en al het volck van oorloge te water en te lande sullen belooven ende sweeren de Staten van de Vereenighde Landen, die by de Unie en handthoudinge van de Gereformeerde religie sullen blijven, eensamenllijck de Staten van de provincien ende de magistraten van de steden, daerinne sylieden gebruykt en tot wiens laste ofte repartitie sy betaelt sullen werden, gehouw ende getrouw te wesen, denselven getrouwelijck te dienen, en dat sylieden de voornoemde Staten Generael, en oock de Staten van de particuliere provincien, elck in sijn reguard, sullen obedieren; dat ïnsgelijcks de gouverneurs van de provincien en de generaels sullen beloven te obedieren den Raedt van State, by de Staten Generael gesteldt ofte namaels te stellen; ende dat de oversten, ritmeesters, capiteynen en alle ander volck van oorloge bovendien oock belooven ende sweeren sullen, de bevelen van de gouverneurs van de provincien, daerin sy gebruyckt werden, ende het volck van oorloge te water de bevelen van den admirael en voorts alle andere hoofden, over henlieden te stellen, sullen gehoorsamen en obedieren na behooren.
XXI. Sullen onderhouden alle tractaten ende alliantien tusschen de Vereenighde Landen, de provincien, steden ende leden van dien, met de naburige rijcken, landtschappen ende republiquen gemaeckt, en sullen ten selven eynde, ende tot avancement van de neeringen en trafique deser landen, onderhouden goede correspondentie, vriendtschap en nabuurschap met de uytheemsche Princen en heeren, omleggende koninghrijcken, republiquen, landen en steden, by de beste middelen, die sy daertoe sullen adviseren
XXII. Die van den Raedt voornoemt, en elck van hun opinierende, sullen opentlijck verklaren hetgeen haer by haer eere, plicht en conscientie goedt duncken sal, hetzy om hem te conformeren met andere opinien, in gevalle deselve hun goedt duncken, om te eviteren rediten, of alsulcks als hun best duncken sal, door andere redenen en consideratien; ende sullen alle saecken in den voorsz. Rade beslooten werden by de meeste stemmen van de praesente heeren, daerop geopineert. hebbende; en wanneer eenige saken sullen voorkomen, die aengaen mogen eenige van denselven Raede, directclijck of indirectelijck, soo in reguard van hare persoonen, als van hare vrienden en magen, tot in den vierden grade, en sullen deselve daerop niet mogen geven eenig advis noch praesent wesen op de deliberatie en besluyt derselver saecken, maer sullen hen vertrecken en blijven nyt de Kamer van den Raed gedurende deselve deliberatie.
XXIII. In den voorsz. Raedt en sullen niet werden eyndelijck beslooten of gearresteert eenige saecken dan in praesentie van alle de heeren van den Raede, die wesen sullen ter plaetse, alwaer den Raed hen sal onthouden of ten meestendeel van henlieden.
XXIV. De Raden en sullen niet mogen vergaderen of resolveren op eenige extraordinaire saecken dan by voorgaende intimatie, daervan gedaen aen alle Raden, die ter plaatse sullen wesen.
XXV. Sullen geene octroyen verleenen nochte oock die by de Staten Generae! voor sekeren tijd van jaren verleent zijn na de expiratie van deselve continueren nochte eenige pensioenen of beneficien tot laste van den lande noch resignatien van officien mogen toestaen.
XXVI. Sullen geen remissien aen pachters ofte andere debiteuren van het gemeene lanid mogen verleenen, anders als ter praesentie van alle de Raeden, en dat ten minsten met twee derde-parten van de stemmen.
XXVII. Sullen alle wercken in 't openbaer besteden en geen continuatie van aengenomen wercken mogen toestaen, op poene van in haer particulier te vergoeden de schade, die het gemeene landt daerdoor soude mogen komen te lijden.
XXVIII. De voorsz. Raden sullen geen part of deel mogen hebben, direclelijck ofte indirectelijck, in eenige wercken, die van wegen het gemeene landt alreede zijn ofte noch sullen werden besteedt, noch in eenige convoyen, imposten of andere gemeene middelen, nochte in eenige van buspulver, scherp, artillerye, wapenen, koorn, rogge, haver, boter, kaas of andere vivres, ammunitie van oorloge ende behoeften, hoedanigh die souden mogen zijn, die tot profijte en dienste van de gemeene saecke werden gebruyckt; sullen mede niet mogen kopen ofte by eenige andere titul overnemen ofle beleenen eenige ordonnantien, die tot laste van den lande in het gemeen ofte van eenige provincien in het particulier zijn verleent, door haer selven, haer huysvrouwen, kinderen ofte familien of door yemandt anders, wie het oock soude mogen wesen, ofte in den koop, overneminge en beleeninge, by anderen gedaen, mogen participeren, directelijck noch indirectelijck, nochte door haer selven, hare huysvrouwen, kinderen, familien ofle yemant anders eenige giften, gaven of geschencken mogen ontfangen, genieten noch profiteren van eenige dingen, hoe kleyn die oock souden mogen wesen, oock van eetbare waren of dranck, en dat van yemant, hetzy steden, collegien, personagien ofte particuliere persoonen, die sy weten yets aen den Raed te doen te hebben of apparentelijck te sullen gekrijgen, en dat soowel voorals naer dat de saecke in den Raedt afgedaen sal zijn; ende byaldien soodanige giffen ontfangen sullen hebben van yemandt, die sy namaels vernamen yets aen den voorsz. Raedt te doen te hebben, 't welcke sy ten tijde van het ontfangen van de giften niet en hadden geweten, of dat die namaels aen den Raedt yets te doen mochten krijgen, sullen sylieden gehouden wesen den Raedt daervan te verwittigen en de ontfangen giften of de waerde van dien, ten behoeve van den armen, te bekeeren, sulcks als hen by den Raedt geordonneert sal werden; ende sullen bovendien niet mogen staen over de deliberatie van de saecken concernerende dengeenen, van dewelcke sy soodanige giften ontfangen sullen hebben, sonder daertoe by den Raedt geadmitteert te zijn, alles op poene, dat degeene, die bevonden sullen werden, contrarie hetgeene voorsz. is of eenig poinct van dien gedaen te hebben, sullen werden gedeporteert van haren staet en wesen infaem en inhabil, om eenigh ampt of officie binnen de geunieerde provincien, geassocieerde landen, steden ende leden van dien t'eenigen tijde te mogen bedienen, ende daarenboven gehouden uyt te keeren en op te brengen het viervoud van 't geen sy uyt de participatie van de voorschreve wercken, leverantie van vivres, ammunitie en andere behoeften, inkoop, overneminge, beleeningen van ordonnantien of uyt de participatie van deselve, midtsgaders van de ontfangen giften en gaven, genooten en geprofiteert sullen hebben, en verder subject zijn soodanige andere amenden en arbitrale correctie, als na exigentie van saecken bevonden sal werden te behooren; ende sullen de voorsz. Raeden alle jaren op den eersten Dinghsdagh in de maent van Mey ende degeene, die alsdan absent souden mogen wesen, op den eersten Dinghsdagh, op dewelck sy daerna in den Raedt sullen verschijnen, voor alle besoignes gehouden wesen in den voorschreven Raedt haer tegens den anderen by solemnelen eede te suyveren, en den thesaurier generael, ontfanger generael, fiscael, secretaris en commisen haer te doen suyveren van dat sy hen van 't geen voorsz. is, wel en getrouwelijck sullen hebben gequeten, en dat sy niet en weten, dat by haer huysvrouwen, kinderen, familien ofte yemandt anders, die henlieden aengaen, contrarie hetgeen voorsz. is, directelijck of indirectelijck is gedaen, ende voorts belooven daerinne in allen oprechtigheydt te continueren, sonder dat yemandt tot de besoignes van den Raedt sal werden geadmitteerd voor en aleer hy de voorsz. expurgatie en beloften alsvooren solemnelijck sal hebben gedaen.
XXIX. Sullen voorts de voorsz. Raeden daerenboven oock op de minste suspitie tot allen tijden gehouden zijn haer tegens den anderen onderlïngh by eede alsvooren daervan te suyveren, en den thesaurier generael, ontfanger generael ende fiscael, secretaris en commisen van de Generaliteyt haer daervan te doen suyveren, midtsgaders diegeenen, die aen den Raedt te doen hebben en op dewelcke eenige suspicie valt, by eede te doen verklaren, dat sy aen niemandt van de voorsz. persoonen, directelijck of indirecktelijck, yetwes hebben belooft of gegeven of sullen belooven of geven.
XXX. Ende sullen degeene, die bevonden sullen werden aen yemandt van de voorsz. persoonen, derselver huysvrouwen, kinderen, familien of yemant anders van haren't wegen eenige giften ofte geschencken te hebben gegeven ofte belooft of doen geven of belooven, directelijck of indirectelijck, 't zy voor of na dat de saecke afgedaen sal zijn, omme expeditie van de saecke ofle andersints, onder ihoedanigh praetext 't selve soude mogen zijn, by sententie van den voorschreven Raedt werden gecondemneert in een amende, geproportioneert ofte egalerende de waerde van de saecke, die verhandelt werdt, ofte andersints na gelegentheyt en vereysch van saecken; ende sullen alle de voorsz, amenden werden geappliceert voor een derde part ten behoeve van den aenbrenger ende de twee resterende derde parten ten behoeve van den armen, al waer het, dat het exces ofte de corruptie eerst ondervonden wierde eenige jaren, nadat deselve begaen sullen zijn.
XXXI. Ende opdat hetgeene voorsz. is te beter achtervolght magh werden, ende niemandt van diegeene, die aen den Raedt van doen hebben, daervan eenige ignorantie hebben te pretenderen, sal in de voorzael van den Raedftgehangen werden een open patent, gesteldt in de Nederlandtsche, Fransche, Engelsche ende Schotsche talen, daerby een yder gewaerschouwt sal werden, dat sy aen de voorsz. persoonen, derselver huysvrouwen, kinderen, familien ofte yemandt anders van harentwegen eenige giften ofte geschencken sullen presenteren, geven noch beloven, directelijck of indirectelijck, op poene en amende, in 't naeste volgende articul uytgedruckt, gelijck mede de procureurs, solliciteurs en andere, die haer ordïnaris voor den Raed voorsz. laten gebruycken op de voorsz. Dinghsdagh, ofte, alsdan absent zijnde, soo haest sy daernae in den Hage weder sullen zijn gekomen, aen den Raed onder eede sullen belooven, haer niet te sullen laten gebruycken ofte oock hare meesters ingeven of doen ingeven, van aen de voorsz. persoonen, derselver huysvrouwen, kinderen, familien ofte yemant anders van haren'twegen eenige giften of geschencken te geven ofte belooven ofle doen geven ofte belooven, directelijck noch indirectelijck, maer soo wanneer haer van hare meesters soude mogen voorkomen, dat sy genegen souden zijn eenige geschencken aen yemant van de voorsz. persoonen te geven ofte belooven, dat sy deselve daervan sullen afraden ofte, soo sy alreede eenige der voorsz. giften mochten geven ofte belooft hebben, dat sy sulcks den voorsz. Raedt terstont bekent sullen maecken, gelijck sy mede gehouden zijn ten aenvangh van haer employ haer meesters getrouwelijck te waerschouwen van aen de voorsz. persoonen, uyt saecken alsvooren, te geven gaven of geschencken, directelijck of indirectelijck, en soo sy eenige gaven of geschencken gegeven hebben, hetselve den Raedt bekendt te maecken, op poene van, bevonden werdende contrarie gedaen te hebben, daerover by den Raedt gecorrigeert te werden naer exigentie van saecken.
XXXII. Ende opdat den Raedt te beter soude mogen vaceren in de saecke, der gemeene welstandt en bescherminge van den lande aengaende, en daerin niet en souden werden verhinderdt voor de examinatien van de processen, die ontstaen souden mogen over excessen , in de voorsz. Articulen gemeldt, ende daermede yemandt van den Raedt, thesaurier generael, ontfanger generael, fiscael, secretaris ofte yemandt van de commisen soude mogen werden beticht , en dat voorgekomen soude mogen werden alle onlust, twist en tweedracht, die hierdoor onder de Raden, tot verachteringe van het gemeene beste, soude konnen ontstaan, soo sullen de heeren van de justitie alhier in 's Gravenhage werden versocht en by forme van diligatie gecommitteert, om, te samen en met den anderen in een collegie gevoeght, kennisse te willen nemen van soodanige excessen, als hiervooren gementioneert zijn ende daermede de voorsz. Raden, thesaurier generael, ontvanger generael, secretaris ofte commisen beschuldight souden mogen werden, ende sullen daerin recht doen, achtervolgende het dispositif van de van de voorsz. articulen ende sulcks als sy in goede conscientie sullen bevinden te behooren.
XXXIII. Ende sullen de fiscael van de Generaliteyt en fiscael en procureur generael van den Hove van Hollandt, Zeelandt en Vrieslandt t'samen of den fiscael en procureur generael van den voorsz. Hove alleen, soo wanneer de fiscael van de Generaliteyt selfs soude zijn te beklagen, achtervolgende de instructien, hem dienaengaende gegeven ter ordonnantie van den voorsz. Hove van justitie, haer pertinentelijck informeren op de voorsz. excessen en tegens de voorsz. persoonen, die daeraen schuldigh souden mogen zijn, deselve haer proces maecken, instruerende en vervolgens ter diffinitive sententie (procederende, die?) volkomen effect sorteren sal, sonder dat daervan aen Ons ofte eenigh ander collegie geprovoceert sal mogen werden.
XXXIV. Alle commissien, ordonnantien, instructien, brieven en depeschen sullen werden geparapheert met den geheelen naem van den Raedt praesiderende en, wesende alsoo geparapheert, sullen geteeckent werden by een van de gouverneurs van de provincien of by yemandt anders van den Raedt, en dit al in gevalle sulcks, mits de importantie van de saecke, by den Raedt noodigh geacht werdt, en voorts by den secretaris van den Raedt, sonder die te laten komen in handen van anderen ofte met yemant te communiceren dan die van denselven Raedt; en sal den secretaris houden goede en pertinente registeren of memoriaelboecken van alle de resolutien en besluyten van de materien en saecken, die gehandelt en geslooten sullen werden in denselven Raedt, ten minsten die wesen sullen van importantie en notable consideratien ende, de saken en materien beslooten en gearresteert zijnde by gemeene ofte de meeste stemmen, sullen alle die van denselven Rade indifferentelijck, 't zy die praesent of absent zijn geweest ofte van een of contrarie opinie, hun gesamenderhandt, sonder eenigh tegenseggen, laten gebruyken tot het goedt beleyt, effect ende onderhoudinge van de voorsz. besluyten en resolutien.
XXXV. Den .Raedt van State sal de Staten Generael van de Vereenighde Provincien mogen beschryven in seeckere bequame en verseeckerde plaetse van de Vereenighde Nederlanden, in gevalle den noodt sulcks vereyscht, dewelcke aldaer sullen compareren sonder praejuditie nochtans van hare privilegien, van buyten de provincien niet gevoceert of beschreven te mogen werden.
XXXVI. De residentie van den voorsz. Raedt sal gehouden werden in een bequame en verseeckerde plaetse van de Vereenighde Provincien, sonder gehouden te zijn te blijven in seeckere plaetse praecise, maer sullen vergaderen ter plaetse, daer den dienst en het gemeene beste van den lande en bysonder de directie van saecken van den oorloge is vereysschende.
XXXVII. De gagien van de Raeden sullen wesen vijftien honderdt ponden van veertigh grooten 's jaers, te betalen by de provincien, daeruyt sy gesteldt zijn, van drie maenden tot drie maenden, daerop sy hun eerlijck na haer staet sullen onderhouden, sonder dat sy eenige extraordinaris kosten tot laste van den lande sullen mogen brengen anders als de vrachten en convoyen en verders als by de reglementen, die daerop sullen werden gemaeckt, geordonneert sal werden; ende als een van den Raedt komt te overlijden ofte sijnen staet te verlaten, sal by de provincie van die hy gesteldt is, een ander bequaem persoon, de Staten Generael aengenaem wesende, genomineert en by de Staten Generael geadmitteert werden.
XXXVIII. Beneffens den voorsz. Raed sal gehouden werden een thesaurier en ontfanger generael op de gagien, hunlieden toe te voegen.
XXXIX. Ende een secretaris op een tracteraent van achthondert ponden 's jaers en op alsulcke instructien als de Staten Generael, by advis van den Raed, alrede hebben gemaeckt ende namaels maecken sullen.
XL. De depeschen van de saecken, volgens dese instructie ter dispositie van den voorsz. Raede staende, sullen werden gedaen, wesende van alsulcke importantie en consideratie, dat voor den oorlogh deselve souden hebben gedepescheert geweest op den naem van de voorige Princen deser landen, sullen op den naem ende onder het zegel en contra-zegel en cachet van de Staten Generael der Vereenighde Nederlanden, by advis van den Raed, werden uytgegeven by dese onderschrijvinge: ter relatie van den Raedt van State derselve.
XLI. Ende de depeschen, die van soo groote sullen uytgegeven werden op den naem van de Provincien, nochtans onder het zegel, contra-zegel en cachet van de Staten Generael voornoemt.
XLII. Het zegel sal bewaerdt werden by een van de raedtsheeren, daertoe te committeren, die daervan gehouden sal wesen te beantwoorden, sonder hetselve in yemands handen te laten komen in eeniger manieren; ende sal van alle depechen en het recht van 't zegel goedt register ende contrerolle gehouden en daervan betaelt werden den den taux, by de Staten enerael geordonneert ofte noch te ordonneren, ende sullen de profijten, daervan procederende, bekeerdt werden tot betalinge van de officiers van de voorsz. Raedt en andere noodelijcke saecken, tot dispositie van den Raedt.
XLIII. Ende verstaen de Staten Generael voornoemt, dat, tot conservatie van het recht van de vereenighde landen in 't generael ende particulier, sylieden van hen met dese instructie of instellinge van Regeeringe en Raedt van State niet en abdiceren de macht en het recht, om by de Staten Generael en de Staten van de provincien in 't particulier, elck sooveel hem aengaet, by tijden van noodt ofte als de saecken van den lande sulcks sullen vereysschen, selfs ordre tot dienste van den lande, in de saecke, by henlieden ter dispositie van den voorsz. Raedt gesteldt, te mogen stellen en exerceren by directie van de saecken van oorloge te water en te lande met alle hetgeen daeraen kleeft, ende namentlijck mede het doen van de monsteringen, houden van de discipline, militaire straffe van alle excessen; en alle andere saken, den Staet, politie en justitie van de voorsz. landen, steden ende leden van dien in 't generael en particulier aengaende, ter dispositie van den Raedt niet expresselijck gesteldt, sullen blijven ter dispositie van de Staten Generael, den Staeten van de particuliere provincien, de magistraten van de steden en andere wettelijcke overigheden, elcks in haer reguard en reserveren de Staten van de resepctive provincien aen haer het geven van de patenten aen de burger hoplieden, soo wanneer deselve tijdt van noodt en (wanneer) den dienst van den lande sulcks sonde mogen komen te vereysschen, buyten haer eygen steden sullen moeten werden gebruyckt, sonder dat den Raedt haer met het geven van soodanige patenten eenighsints sal mogen bemoeyen
XLIV. Die van den Raedt van State voornoemt sullen ten aenvangh van haer dienst, by eede haer expurgeren, dat sy, om denselven dienst te bekomen, niet en hebben gegeven nochte belooft eenigh geldt ofte geldswaerde ofte anders, hoedanigh hetselve soude mogen zijn, noch sullen beloven, directelijck ofte indirectelijck; ende voorts belooven ende zweeren in handen van de Staten Generael ofte derselver gedeputeerden te wesen gehouw ende getrouw deselve Staten Generael van de provincien, die in de Unie en by de handthoudinge van de ware Christelijcke religie sullen blijven ende by eede renuncieeren van alle particuliere correspondentie, hetzy met de provincien, steden ofte private en particuliere persoonen, voor sooveel 't selve den gemeenen beste mochte wesen hinderlijck, en dat sonder aensien te nemen op de provincien of steden, daeruyt sy zijn gebooren of verkooren, ofte particulier profijt derselver, van hun selven ofte van yemant anders, ende alleenlijck voor oogen sullen hebben de eere Gods ende de welvaerdt en conservatie der voorsz. landen en de gemeene saecken; dat sij niet en sullen openbaren de communicatien, deliberatien ofte resolutien, die secreet behooren te blijven, ende dat stdaervan met niemandt en sullen spreecken buyten denselven Raedt ende insonderheydt niet met eenige ministers van uytheemsche Koningen, Princen, Republiquen en Staten, in wat geselschappen ofte met wien het zy, tenware met dien van denselven Raede van State apart, gescheyden van alle anderen. Item, dat sy niet en sullen ten dienste wesen van yemanden, nochte ontfangen ofte genieten van deselve eenige pensioenen, dat sy niet en hebben, nochte sullen nemen part of deel, directelijck of indirectelijck, in eenige wercken, die van wegen het gemeene landt alreede zijn ofte noch sullen werden besteedt, nochte eenige convoyen, imposten of andere gemeene middelen, nochte in eenige leveringe van buspulver, scherp, artillerye, wapenen, koorn, rogge, boter, kaes, bier, haver ofte andere vivres, ammunitie van oorloge ende behoeften, hoedanigh die souden mogen zijn, die tot profijt en tot dienste van de gemeene saecken werden gebruyckt; dat sy niet en sullen koopen of by eenige andere titul overnemne of beleenen eenige ordonnantien, die tot laste van den lande in 't gemeen of van eenige provincien in 't particulier zijn verleendt, door haer selven, hare huysvrouwen, kinderen, familien of door yemant anders, wie het oock soude mogen wesen, ofte in koop, overneminge en beleninge, by anderen gedaen, sullen participeren, directelijck ofte indirectelijck; noch door haer selven, hare huysvrouwen, kinderen, familien of yemant anders alsvooren eenige giften, gaven of geschencken sullen ontfangen, genieten of profiteren van eenige dingen, hoe kleyn die oock souden mogen wesen, oock van eetwaren, spijse of dranck ende dat van yemandt, hetzy van steden, collegien, personagien of particuliere persoonen, die sy weten yets aen den Raed te doen te hebben ofte apparentelijck te sullen verkrijgen, ende dat soowel voor als na dat de saecke afgedaen sal zijn; ende byaldien sy eenige soodanige giften souden mogen komen te ontfangen van yemandt, die sy namaels souden vermeenen yets aen den Raedt te doen te hebben, 't welck sy ten tijde van het ontfangen van de gaven niet en souden hebben geweten, of dat deselve namaels aen den Raedt yets te doen mochten krijgen, dat sy daervan den Raedt kennisse sullen geven en dat sy haer vorder praeçiselijck sullen reguleeren naer den inhoudt van dese instructie en yder articul van dien, en wyders doen dat goede en getrouwe Raeden van State gehouden zijn te doen, ende ditalles by provisie.
XLV Ingevalle dese instructie bevonden werdt te hebben eenige duysterheydt ofte dat deselve eenige alteratie, verminderinge ofte vermeerderinge soude vereysschen, sal daerop ter eerster vergaderinge van de Staten Generael, met kennisse en advis van den Raedt, gedaen en gelet werden na behooren.
Aldus gedaen in de vergaderinge van de heeren Staten Generael, gearresteert op den twaelfden April anno vijftienhonderdt acht en tachtigh.
Uitgegeven: Groot Placaetboek, IV ('s-Gravenhage : Paulus Scheltus, 1705), blz. 120 vlg.: A.S. de Blécourt en N. Japikse, Klein plakkaatboek van Nederland (Groningen 1919)
Terugkeren naar Overzicht pagina costuymen etc.
Terugkeren naar Inhoudsopgave
Laatst bijgewerkt op 17 juli 2009