Instructie voor de Raad van State 18 Juli 1651

I. In den voorz. Raedt sullen begrepen wesen en tot allen tijden daerinne compareeren, plaetse en stemme hebben de gouverneurs van de respective provincien, daer deselve zijn ofte naermaels mochten komen, ende sullen de saecken in denzelfven Raedt gehandelt, gedelibereert en getracteert werden by alle behoorlijcke reverentie, respect en modestie, ten meesten dienste van den voorz. lande, tot goede eenigheydt ende vriendtschap onder deselve steden ende leden van dien, eensaemlijck van de heeren, in denselven Raed comparerende onderlinge, ende werden de gouverneurs van de respective provincien en den president van den voorz. Raede indertijdt verzocht, goede opsicht te nemen, dat alle particuliere affecten, twistelijcke ende inpertinente propoosten (niet raeckende de materie ende affairen, die gedelibereert werden) voorgekomen en verhindert werden.

II. In desen Raedt sullen aangesteld werden gequalificeerde, bequame ende in materie van Staet geverseerde mannen van de ware Christelijcke Gereformeerde religie, gelijck deselve alomme in de publique kerken deser landen tegenwoordigh werdt gepredickt en geleert, en niet zijnde in eedt, gagie of dienst van eenige Koningen, Princen, heeren, in- of uitheemsche, en malkanderen in consanguiniteyt tot in den vierden grade en in affiniteyt tot in den tweeden grade, na reeckeninge van de wereldtlijcke rechten, niet bestaende, sonder dat daerinne eenige dispensatie sal mogen geschieden, ende dat deselve in de vergaderplaetse oock vaste residentie sullen moeten houden.

III. En tot beter directie en beleydt van alle voorvallende saecken sal denselven Raedt ordinaris vergaderen ten negen uyren voor den middagh en ten drie uyren na de middag; ende sullen de raeden uyt den voorschreven Raede niet mogen scheyden, sonder voorweten van den raedsheer praesiderende, ende sullen deselve raedsheeren gehouden wesen gestadelijck hen te laten vinden ter plaetse, aldaer denselven Raedt sal besoigneren, en te compareren tot allen tijden als sy daertoe versocht sullen werden, uytgesondert wettelijcke excusen.

IV. Den voorsz. Raedt sal met en nevens de vergaderinge van de ordinaris gecommiteerde ter Generaliteyt nemen goedt reguard, ten eynde de landen ende vereenighde provincien, steden ende leden van dien onderlingh en in conformiteyt van de verbonden, tusschen deselve gemaeckt en opgerecht, alsmede dat deselve met de gouverneurs en krijghsoversten derselver, midtsgaders deselve gouverneurs ende krijghsoversten onder den anderen, gesteldt en gehouden werden in goede eendracht.

V. Ende sal denselven Raedt, met en nevens de vergaderinge van de ordinaris gecommitteerden alsvooren, hebben ende gebruyken de authoriteyt om te disponeren in de saecken van oorlogh ende over het volck van oorlogh, in dienste van den lande wesende, nemende, naer vereysch van saecken, daerop de consideratie van den veldtmaerschalck en andere voorname en hooge officieren van oorloge en doende haer beveelen volbrengen door de voorscheve gouverneurs van de provincien, indertijdt wesende, den admirael of andere officieren, elcke in hun regard.

VI. Sonder dat syluyden yets sullen mogen doen of attenteeren, dat soude mogen strecken tot praejuditie van de privilegien, rechten, vrijheden, tractaten, contracten, ordonnantien, statuten, decreten en usantien derselver landen in 't generael ofte van eenige provincien, steden ofte leden van dien in 't particulier.

VII Ende sal den voorsz. Raedt, met en nevens de vergaderinge van de ordinaris gecommitteerde ter Generaliteit, sorge dragen, dat de frontieren van den Staet in het gemeen met suffisant guarnisoen van verscheyde natien mogen zijn beset en dat de vordere militie, sooveel doenlijck en de gelegentheyt toelaat, verdeelt ende geleydt werde in de naeste en gelegenste plaetsen ontrent deselve frontieren, om t'allen tijden, in gevalle van subiten noodt, soo binnen als buyten, by der handt te konnen wesen.

VIII. Tot welcken eynde den voorsz. Raedt, by de gemelte vergaderinge van de ordinaris gecommitteerden ter Generaliteyt wesende versocht te adviseren op het verleggen ofte uytsenden van eenige compagnien ende het verleenen van patenten voor deselve, gehouden sal zijn het versocht advis promptelijck aen de gemelte vergaderinge toe te laten komen.

IX. Ende daerenboven mede van tijdt tot tijdt aen deselve vergaderinge van de ordinaris gecommitteerden ter Generaliteyt bericht te doen en te adviseren van de rechte beschapentheyt van de voorsz. frontieren en de noodwendigheyt van eenige veranderinge van compagnien, soo menighmael deselve sal oordeelen den dienst van het land sulcks te vereysschen.

X. Ende opdat de voorschreve patenten wel en behoorlijck na het goedtvinden de gemeene bondtgenooten mogen werden geëxpedieert en sooveel doenlijck besorght, dat geen compagnie in een stemmende provincie sullen intrecken, te houden, als met permissie en met particulier patent van de Staten van deselve provincie ofte haerlieder geauthoriseerde, midtsgaders dat geen compagnien uyt de stemmende provincien sullen werden gelicht, waerdoor het getal van de vooirsz. Compagnien soude werden vermindert, 't welck tusschen de Staten van de respective provincien is beraemt ofte naermaels met gemeen advijs beraemt soude mogen werden, dat in yder provincie respectivelijck sal moeten werden gelaten tot besettinge van de steden en forten van dien, midtsgaders tot assistentie van de Overheden, in 't uytvoeren van hare politique beveelen, sal de voorschreve Raedt de patenten, haer naer gegeven advis by de gemeene vergaderinge van de ordinaris gecommitteerden ter Generaliteyt toegesonden, nasien en naerstelijck letten, eerstelijck of deselve patenten zijn geparapheert by de praesiderende ter Generaliteit, geteeckent by twee gedeputeerden uyt de twee navolgende provincien, praesent zijnde, gesubsigneert by den griffier en bezegelt met het zegel van Haer Hoog Mog.

XI. Ende soo wanneer eenige patenten sullen dienen, om daerop eenige compagnien in guarnisoen te doen gaen binnen een stemmende provincie, sal den voorz. Raedt verder letten, of op soodanige patenten is gesteldt de clausule, daerby de officieren op haren eedt werden vermaent en belast, dat sy met hare compagnien binnen soodanige provincien niet en sullen intrecken, voor en aleer sy daertoe permissie en particulier patent van de Staten van deselve provincien ofte derselver geauthoriseerde bekomen sullen hebben, en soo deselve dienen, om daerop eenige compagnien uyt een stemmende provincie te lichten, sal den voorsz. Raedt letten, dat in deselve patenten open zijn en blijven de namen van de officieren, die de compagnien leyden, opdat deselve patenten by de Staten van de provincien, uyt dewelcke de compagnien sullen werden versocht, ofte derselver geauthoriseerde, na gelegentheyt en volgende de ordre, daerop tusschen de bondgenooten beraemt, gevult te mogen werden.

XII. Ende bevindende de voorsz. patenten in voegen alsvooren. geparapheert, geteeckent, gesubsigneert en bezegelt, midtsgaders houdende de voorsz. clausule van vermaninghe ende bevel, soo wanneer die strecken om daerop eenige compagnien binnen een stemmende provincie in guarnisoen te doen gaen, en wesende men open name van de officieren, die de compagnien leyden, soo wanneer deselve dienen, omme daerop eenige compagnien uyt een stemmende provincie te lichten, sal den voorsz. Raedt alsdan, en anders niet, deselve patenten mede by den presiderende in den Raedt doen parapheren en by den secretaris doen teeckenen, midtsgaders met het zegel van den Raedt doen bezegelen ende alsoo ten spoedighsten en sonder eenigen uitstel afsenden.

XIII. Ende sal wijders den voornoemden Raedt, soo wanneer de Staten van een stemmende provincie ofte derselver geauthoriseerden, in tijt van noodt, op het versoeck van de Generaliteyt, eenige compagnien uyt hare provincien sullen hebben laten volgen, waardoor het getal, 't welck volgens de voorschreve beraminge binnen deselve provincie, ten eynde alsvooren, soude moeten werden gelaten, sal zijn verminderdt, voorsooveel in haer is, besorgen en aenhouden, dat, de noodt, waeromme soodanige compagnien sullen zijn gelicht, voorby zijnde, de voorsz. compagnien wederomme in haer voorige guarnisoenen werden geleydt ofte andere in plaetse van dien.

XIV. Den voorsz. Raedt sal mede van tijdt tot tijdt besorgen, dat de frontieren van den Staet in 't generael behoorlyck mogen wesen voorsien met noodige ammunite, vivres en andere behoeften van oorlogh.

XV. Den voorschreven Raed sal bevorderen, dat de generale middelen, tot gemeene defensie van den lande, een paerlijck en in 't gemeen over alle de vereenigde provincien, geassocieerde landschappen, steden en leden van dien, mitsgaders over de quartieren resorteerende onder de Generaliteytin 't bysonder, geconsenteert ende nog te consenteren en tot hare dispositie by de consenten van de provincien gestelt en nog te stellen, wel en alomme eenpaerlijck werden geheven en dat de pachters en collecteurs derselver werden gehandhoud in 't innen en executeren van 't geen hen verpacht ofte te collecteren bevoolen sal wesen, ende dat de contraventien van de ordonnantien, daerop gemaeckt of noch te maecken, sonder eenige dissimulatie werden gestraft, sonder dat die van den Raedt van Brabandt of Vlaenderen haer met de voorsz. middelen of questien ende verschillen, daerover te ontstaen, eenighsints sullen hebben te bemoeyen.

XVI. Ende sullen op den opheven derselver generale middelen volgen ende doen volgen alsulcke instructien en ordonnantien als by de Generale Staten daerop gemaeckt zijn ofte noch gemaeckt sullen werden

XVII. Ende in 't doen innen en executeeren van deselve gemeene middelen, mitsgaders de consenten van de provincien, en op den voet als die gedragen sal werden, sal by den voornoemden Raedt tegens de debiteurs, pachters en collecteurs, mitsgaders tegens de ingesetenen van de provincien en steden, in gebreecke wesende, en hare goederen werden geprocedeert, gelijck men in dese landen voor 's prinsen beden ende penningen gewoon is geweest te doen, en volgens de executorien, daartoe te verleenen, behoudelijck dat niemandt en sal werden gevoceert buyten de provincie, daerin hy woont, sonder consent van de Staten van deselve provincie.

XVIII. Sullen besorgen en neerstelijck aenhouden, dat alle comptable van de Generaliteytsmiddelen, soo van de verpachtingen in de steden als ten platten lande, redemptie van middelen, contributien, verpondingen, geestelijcke goederen, het zegel, domeynen, leenen, oock van vivres, ammunite van oorlogh ende van alle andere inkomsten, geen uytgesonderdt, jaerlijcks aen de Generaliteitsreeckenkamer reeckenen en overleveren drie reeckeningen, als een voor den Raedt, een voor de Reeckenkamer en een voor den rendant met byvoeginge van alle de originele documenten en behoeften, daertoe dienende, om, by de voorsz. Kamer gehoort en geslooten zijnde, daeromme de dubbelde uyt te leveren alsvooren, en sulks tot weeringe van abusen.

XIX. De penningen, procederende van de voorsz. geconsenteerde middelen, en alle andere consenten sullen bekeerdt en geemployeert werden tot betalinge van den volcke van oorloge ende andere behoeften van der oorloge in conformité van de consenten van de respective provincien of sulcks, als in 't generael by de provincien sal werden geordonneert ten meesten profijte van den lande, ende vooral sal ordre op de monsteringe en discipline militaire over het volck van oorloge gestelt werden en dat die betaelt mogen worden hooft voor hooft, voor sooveel het doenlijck sal wesen.

XX. Sullen besorgen, dat de respective provincien de compagnien haer volle soldye sonder eenige kortinge ofte belastinge, hetzy van solliciteurs, schrijvers, comptoirgelden, Nieuwjaergelden ofte andersints, hoedanigh hetselve soude moge werden genaemt, directelijck of indirectelijk, maendelijck betalen en goedt reguard nemen en de ritmeesters en capiteynen daertoe houden, dat deselfe, op poene van cassatie, aen haer paerd- en voetvolck oock betalen en volgen laten haer volle soldye, na ordre van het landt, te weten het paerdevolck alle maenden ende het voetvolck alle seven dagen, en sullen degeene, door welckers aengeven eenige contraventie tegens het gunt voorsz. is, ontdeckt sullen zijn, getracteert werden in conformiteyt van de placaten, op dat subject geemaneert en noch te emaneren, en vorders gehouden in goede recommandatie tot bevorderinge en avancement na gelegentheyt van saecken.

XXI. Alle ordinantien van betalinge sullen geteeckent werden by den thesaurier en drie van de raeden, wesende van verscheyden provincien, en by den secretaris van denselven Raede ende en sullen geene ordonnantien van betalinge van waerden gehouden werden dan die geteeckent sullen wesen alsboven, met de notulen van registrata folio tali daerop gesteld wesende, en sullen wijders by de ordonnantien werden gevoeght alle de behoeften, bestecken en andere bescheyden, tot de ordonnantien behoorende en tot welcker saecken de ordonnantien zijn verleent, ende deselve, alsoo geteeckent zijnde, gesonden werden aen des Generaliteytsreeckenkamer, omme aldaer mede gevisiteert, geexamineert en oock geregistreert te werden, in cas deselve naer de ordre van 't landt zijn verleendt, sonder 't welck den ontvanger-generael geen betalinge sal mogen doen, op pcene van royeringe.

XXII. Sullen oock de handt daeraen houden en, sooverre desnoods zy, bevorderen, dat de convoyen, volgende de consenten en de lysten, by de Staten Generaal daerop gemaeckt en noch te maecken, en van gelijcken oock de licenten, volgende de lijsten, daerop gedresseert en noch te dresseren, eenpaerlijck werden geheven ende achtervolght en dat by de Staten van de particuliere provincien, de gouverneurs en magistraten ofte gemeenten van eenige steden of plaetsen of by yemandt anders de passagien en uytvoer van de goederen, die behoorlijck en volgende de voorsz. lijsten verconvoyt en verlicent zijn, niet verhindert en werden, of dat yemant, wie hy zy, boven de voorsz. lijsten van deselve goederen yet eysschen of nemen, en dat de contraventien, die directelijck ofte indirectelijck sullen geschieden, gestraft mogen werden exemplaerlijck.

XXIII. Sullen de steden laten by hun gebruyck, om, in tijde van noodt en als de saecken geen uitstel en mogen lijden, hen te water te wapenen en schepen van oorloghe uit te rusten tot laste van den lande, mits daervan dadelijck gevende advertentie aen de Generaliteyt, om uyt de voorsz. middelen betaelt te werden, ende dat tegens alle piraten en andere gelijcke vyanden van 't gemeene beste, deselve te resisteren ende in haer geweldt te krijgen, behoudelijck dat de kennisse en straffe, soo over de persoonen als hare schepen en goederen, sal staen ter decisie van de collegien van Admiraliteyt, in de respective quartieren gesteldt of noch te stellen.

XXIV. Den voorschreven Raedt sal gehouden wesen over te leveren aen de Generale Staten en Staten van elcke provincie pertinente staet, van drie maenden tot drie maanden, van de lasten van oorloge en van het inkomen van de middelen, daertoe te consenteren, ende van den employ van dien.

XXV. Sullen houden een pertinente lijste van de besettinge van alle steden, forten en plaetsen, sooals deselve van tijd tot tijd bevonden sullen werden, en sullen daervan aen de provincien, des verzoekende, tot allen tijden copie laten volgen.

XXVI. Sullen na hun vermogen besorgen, dat de palen en limiten van de voorschreve provincien respectivelyck niet en werden vermindert en dat alle steden en plaetsen, resorterende onder de Generaliteyt, werden gebracht en gehouden onder gelijcke contributie, tot gemeene defensie van den lande, voor sooveel mogelijck wesen sal, en dat van gelijcken gebruyckt werden in regard van de steden en plaetsen, die verovert sullen werden.

XXVII. Sullen besorgen, dat alle gouverneurs, admiraels, generaels, oversten, ritmeesteren, capiteynen en alle. het volck van oorloge te water en te lande sullen belooven ende sweeren de Staten Generael van de Vereenighde Nederlanden, die by de Unie en Gereformeerde religie sullen blijven, eensamentlijck de Staten van de provincien ende de magistraten van de steden, daerin sylieden gebruyckt en tot wiens last of repartitie sy betaelt sullen werden, gehouw ende getrouw te wesen, denselven getrouwelijck te dienen, ende dat syluyden de voornoemde Staten Generaal en oock de Staten van de particuliere provincien, elck in sijn reguard, sullen obedieren volgens het formulier van de eedt voor de militie, den sestienden Junii sestien honderdt een en vijftigh op de groote zael gearresteert, dat insgelijks de gouverneurs van de provincien, en de gouverneurs sullen belooven te obedieren den Raedt van State, by den Staten Generael gesteldt of namaels te stellen, en dat de oversten, ritmeesteren, capiteynen en alle ander volck van oorloge bovendien oock belooven en sweeren sullen de beveelen van de gouverneurs van de provincien, daerin sy gebruyckt werden, en het volck van oorloge te water de beveelen van den admirael en voorts alle andere hoofden, over hen te stellen, te gehoorsamen na behooren.

XXVIII. Sullen onderhouden alle tractaten ende alliantien tusschen de vereenighde landen, de provinciëen, steden ende leden van dien, met de naburige rijcken, landschappen ende republiquen gemaeckt, en sullen, ten selven eynde ende tot avancement van de neeringen en trafique deser landen, onderhouden goede correspondentie, vriendtschap en nabuurschap met de uytheemsche princen en heeren, omleggende koninghrijcken, republiquen, landen en steden by de beste middelen, die sy daertoe sullen ordonneren.

XXIX. Die van den Raede voornoemt en elck van hun, opinierende, sullen opentlijck, vrymoedelijck, volkomentlyck en bedachtelijck verklaren hetgeen haer by haer eere, plicht en conscientie goedtduncken sal, hetzy om hem te conformeren met andere opinien, in gevalle deselve hun goedtduncken sal, om te eviteren redicten of, alsulcks als hun best duncken sal, door andere redenen en consideratien. Ende sullen alle voorsz. Rade beslooten werden by de meeste stemmen van de presemte heeren daerover geoppineert hebbende, en wanneer eenige saecken sullen voorkomen, die aengaen mogen: van denselven Raede directelijck, soo in reguard van hare persoonen als van den vrienden en magen, tot in den vierden grade, en sullen deselve daerop niet mogen geven eenigh advis noch praesent wesen op de deliberatie en besluyt derselver saecken, maer sullen hen vertrecken en blijven uyt de Kamer van den Raed gedurende deselve deliberatie en resolutie.

XXX. In den voorsz. Raedt en sullen niet werden eyndelijck beslooten of gearresteert eenige saecken dan in presentie van alle de heeren van den Raede, die wesen sullen ter plaetse, alwaer den Raed hen sal onthouden, of ten meestendeel van henlieden.

XXXI. De raden en sullen niet mogen vergaderen of resolveren op eenige extra-ordinaire saeken dan by voorgaende intimatie, daervan gedaen aen alle raden, die terselver plaetse sullen wesen.

XXXII. Sullen voortaen geene octroyen verleenen noch ook die by de Staten Generael voor sekeren tijd van jaren verleent zijn, na de expiratie van deselve continueren nochte eenige pensioenen of beneficien tot laste van den lande noch resignatien van officien, expectativen, survivantien noch adjuncten mogen toestaen, verleenen noch continueren.

XXXIII. Sullen sonder kennisse of toestemminge van de vergaderinge van de ordinaris gecommitteerde ter Generaliteit geen remissien aen pachters ofte andere debiteuren van het gemeene landt mogen verleenen, en dan noch anders niet als ter presentie van alle de raeden, en dat ten minsten met twee derdeparten van de stemmen.

XXXIV. Sullen naer voorgaende tijdelijcke affixie van de billietten alle wercken in 't openbaer besteden en deselve billietten en bestecken by de ordonnantien voegen en geen continuatie van aengenomen wercken mogen toestaen, op poene van in haer particulier te vergoeden de schade, die het. gemeene land daerdoor soude mogen komen te lijden; en sullen geen ordonnantien, wat namen die ook souden mogen hebben, anders mogen werden gedepescheert, als op den ontfanger-generael, die de houders van deselve ordonnantien op haer versoeck met assignatien op de subalterne ontfangers ter plaetse van hare residentie ofte tot derselver meeste grief sal mogen accommoderen.

XXXV. De voorsz. raden, thesaurier-generael, ontfanger-generael, fiscael, secretaris, commisen, klerken, controlleurs van de fortificatien en alle andere supposten van den Raedt sullen geen part of deel mogen hebben, directelijck ofte indirectelijck, in goederen, landen, schorren, slijcken ofte andere domeynen, die van wegen de Generaliteit werden verpacht of andersints uytgegeven, noch oock in eenige wercken, die van wegen het gemeene landt alreede zijn ofte noch sullen werden besteedt, noch in eenige convooyen, imposten of andere gemeene middelen nochte in eenige leveringe van buspulver, scherp, artillerye, wapenen, koorn, rogge, haver, boter, kaes of andere vivres, ammunitie van oorloge ende behoeften, hoedanigh die souden mogen zijn, die tot profijte en dienste van de gemeene saecke werden gebruykt; sullen mede niet mogen kopen ofte by eenige andere titul overnemen ofte beleenen eenige ordonnantien, die tot laste van den lande in het gemeen ofte van eenige provincien in het particulier zijn verleent door haer selven, haer huysvrouwen, kinderen, familien of door yemand anders, wie het oock soude mogen wesen, of in den inkoop, overneminge en beleeninge, by anderen gedaen, mogen participeren, directelijck noch indirectelijck, nochte door haer selven, hare huysvrouwen, kinderen, familien ofte yemand anders eenige giften, gaven of geschencken mogen ontfangen, genieten noch profiteren van eenige dingen, hoe klein die oock souden mogen wesen, oock van eetbare spijse of dranck, en dat van yemant, hetzy steden, collegien, personagen ofte particuliere persoonen, die sy weten yets aen den Raed te doen te hebben of apparentetelijck te sullen gekrijgen, en dat soowel voor- als naerdat de saecke in den Raedt afgedaen sal zijn, en byaldien sy soodanige giften ontfangen sullen hebben van yemandt, die sy namaels vernamen yets aen den voorsz. Raedt te doen te hebben, 't welcke sy ten tijde van het ontvangen van de giften niet en hadden geweten, of dat die namaels aen den Raedt yets te doen mochten krijgen, sullen sylieden gehouden wesen den Raedt daervan te verwittigen en de ontfangen giften of de waerde van dien ten behoeve van den armen te bekeeren, sulks als hen by den Raedt geordonneert sal werden; ende sullen bovendien niet mogen staen over de deliberatie van de saecken concernerende dengeenen, van dewelcke sy soodanige giften ontvangen sullen hebben, sonder daertoe by den Raedt geadmitteert te zijn, alles op poene, dat degeene, die bevonden sullen werden, contrarie hetgeene voorsz. is, of eenig poinct van dien gedaen te hebben, sullen werden gedeporteert van haren staet en wesen infaem en inhabil, om eenigh ampt en officie binnen de geunieerde provincien, geassocieerde landen, steden ende leden van dien t'eenigen tijde te mogen bedienen, ende daerenboven gehouden uyt te keeren en op te brengen het viervout van 't geen sy uyt de participatie van de voorschreve geestelijcke goederen, landen, schorren, slijcken ofte andere domeynen, die van de Generaliteyt zijn verpacht ofte andersints uytgegeven, ofte uyt de voorsz. wercken, leverantie van vivres, ammunitie en andere behoeften, inkoop, overneminge, beleeningen van ordonnantien of uyt de participatie van deselve, midsgaders van de ontfangen giften en gaven, genooten en geprofiteert sullen hebben, en verder subject zijn soodanige andere amenden en arbitrale correctie, als na exigentie van saeken bevonden sal werden te behooren; ende sullen de voorsz. raeden, den thesaurier-generael, den ontfanger-generael, fiscael, secretaris, commisen, klercken, contrerolleurs van de fortificatien en alle andere supposten van den Raed, die nu zijn ofte namaels komen sullen, op den aenvangh van haren dienst, den behoorlijcken eedt afnemen, van dat sy haer in het gunt voorschreven is, wel ende vroomelijck sullen quijten, gelijck mede de voorschreve raeden alle jaren op den eersten Dinghsdagh in de maendt van Mey ende degeene, die alsdan absent souden mogen wesen, op den eersten dagh, op dewelck sy daerna in den Raedt sullen verschijnen, voor alle besoignes gehouden wesen in den voorschreven Raedt haer tegens den anderen by solemnelen eede te suyveren, en den thesaurier-generael, ontfanger-generael, secretaris, commisen, klercken, contrerolleurs van de forticatien ende alle andere suppoosten van den Raedt haer te doen suyveren van dat sy hen in 't geen voorschreven is, wel en getrouwelijck sullen hebben gequeten en dat sy niet en weten, dat by haer huysvrouwen, kinderen, familien ofte yemandt anders, die henlieden aengaen, contrarie hetgeene voorsz. is, directelijck of indirectelijck is gedaen, ende voorts belooven daerinne in alle oprechtigheydt te continueren, sonder dat yemandt tot de besoignes van den Raedt sal werden geadmitteert, voor en aleer hy de voorsz. expurgatie en beloften alsvooren solemnelijck sal hebben gedaen.

XXXVI. Sullen voorts de voorsz. raeden daerenboven oock op de minste suspitie tot allen tijden gehouden zijn haer tegens den anderen onderlingh by eede alsvooren daervan te suyveren en den thesaurier-generael, ontfanger-generael, fiscael, secretaris, commisen, klercken, contrerolleurs van de fortificatien en alle andere suppoosten van den Raedt haer daervan te doen suyveren, midsgaders diegeene, die aen den Raed te doen hebben en op dewelcke eenige suspicie valt, by eeden te doen verklaren, dat sy aen niemandt van de voorsz. persoonen, directelijck of indirectelijck, yetwes hebben belooft ofte gegeven of sullen belooven of geven.

XXXVII. Ende sullen degeene, die bevonden sullen werden aen yemandt van de voorsz. persoonen, derselver huysvrouwen, kinderen, familien of yemant anders van harent-wegen, eenige giften ofte geschencken te hebben gegeven ofte belooft of doen geven of belooven, directelijck of indirectelijck, 't zy voor- of nadat de saecke afgedaen sal zijn, omme expeditie van de saecke ofte andersints, onder hoedanigh praetext 't selve soude mogen zijn, by sententie van den voorschreven Raedt werden gecondemneert in een amende, geproportioneert ofte egalerende de waerde van de saecke, die verhandelt werdt, ofte andersints na gelegentheyt en vereysch van saecken. Ende sullen alle de voorsz. amenden werden geappliceert voor een derde part ten behoeve van den aenbrenger ende de twee resterende derde parten ten behoeve van den armen, al waer het, dat het exces ofte de corruptie eerst ondervonden wierde eenige jaren, nadat deselve begaen sullen zijn.

XXXVIII. Ende opdat hetgeene voorsz. is, te beter achtervolght magh werden ende niemandt van diegeene, die aen den Raedt te doen hebben, daervan eenige ignorantie hebben te pretenderen, sal in de voorzael van den Raedt gehangen werden een open patent, gesteldt in de Nederlandtsche, Fransche, Engelsche ende Schotsche talen, daerby een yder gewaerschouwt sal werden, dat sy aen de voorsz. persoenen, derselver huysvrouwen, kinderen, familien ofte yemandt anders van harentwegen eenige giften ofte geschencken sullen presenteren, geven noch beloven, directelijck of indirectelijck, op poene en amende, in 't naeste voorgaende articul uytgedruckt, gelijck mede de procureurs, solliciteurs en andere, die haer ordinaris voor den Raed voorsz. laten gebruycken, op de voorsz. Dinghsdagh ofte, alsdan absent zijnde, soo haest sy daernae in den Hage weder sullen zijn gekomen, aen den Raed onder eede sullen belooven, haer niet te sullen laten gebruycken ofte oock hare meesters ingeven of doen ingeven van aen de voorsz. persoonen, derselver huysvrouwen, kinderen, familien ofte yemant anders van harentwegen eenige giften of geschencken te geven ofte belooven ofte doen geven ofte belooven, directelijck noch indirectelijck, maer soo wanneer haer van hare meesters soude mogen voorkomen, dat sy genegen souden zijn eenige geschencken aen yemant van de voorsz. persoonen te geven ofte belooven, dat sy deselve daervan sullen afraden, ofte, soo sy alreede eenige der voorsz. giften mochten geven of belooft hebben, dat sy sulcks den voorsz. Raedt terstont bekendt sullen maecken, gelijck sy mede gehouden sullen zijn, ten aenvangh van haer employ, haer meesters getrouwelijck te waerschouwen van aen de voorsz. persoonen, uyt saecken alsvooren, niet te geven ofte beloven eenige giften, gaven ofte geschencken, directelyck of indirectelijck, en, soo sy eenige gaven gegeven hebben, hetselve den Raedt bekendt te maecken, op pcene van, bevonden werdende contrarie gedaen te hebben, daer-over by den Raedt gecorrigeert te werden, naer exigentie van saecken.

XXXIX. Ende opdat de voorschreve excessen behoorlijcken mogen werden gerecherceert ende de schuldige na meriten gestraft, sal de fiscael van de Generaliteyt naeu letten op de actien van alle de voorschreve persoonen en, soo wanneer hy eenige suspitie sal hebben tegens yemandt van de commisen, klercken, contrerolleurs van de fortificatien ofte eenige andere mindere suppoosten van den Raedt, sal hy sich ter ordonnantie van den Raedt tegens deselve informeren, deselve daghvaerden voor den voorsz. Raed, henlieden maecken haer proces, 't selve instrueren en vervolgen ten definitive ende vorders procederen en doen procederen tot executie van dien.

XL. Ende soo de suspicie valt tegens yemandt van den Raedt, den thesaurier-generael, ontfanger-generael ofte secretaris van den Raedt, sal de fiscael van de Generaliteyt en de fiscael en procureur-generael van de provincie, daer den Raedt resideren sal, te samen, ofte soo de suspicie valt tegens den fiscael van de Generaliteyt, de fiscael van de voorschreve provincie alleen, ter ordonnantie van het hooghste collegie van justitie aldaer, sich tegens de voorsz. persoonen informeren, deselve daghvaerden voor 't voorschreve collegie van justitie, henlieden maecken haer proces, 't selve instrueren en brengen in state van wijse, ende soo de saecke raeckt den thesaurier-generael of den ontfanger-generael ofte den fiscael of secretaris van den Raed, deselve voor 't voorsz. hooghste collegie van justitie vervolgen ten deffinitive. En soo de saecke raeckt yemandt van den Raedt, sal het proces, behoorlijcken geinstrueert zijnde, gesonden werden aen de Staten van de provincien, uyt dewelcke de beklaeghde gehouden sal zijn, die aengenomen hebben selver aldaer by de ordinaris justitie te doen termineren, achtervolgende het dispositif van de voorsz. articulen, binnen den tijdt van ses weecken na den ontfangh, ende sullen de sententien, in de voorschreve materie gewesen, volkomen effect sorteren, sonder dat daervaij aen ons sal mogen werden geprovoceert.

XLI. Alle commissien, ordonnantien, decharges, instructien, brieven en depeschen sullen werden geparapheert met den geheelen naem van den raedt presiderende en, wesende alsoo geparapheert, sullen geteeckent werden by een van de provincien of by yemandt anders van den Raedt; en dit al, in gevalle sulcks, midts de importantie van de saecke, by den Raedt noodig geacht werdt, en voorts by den secretaris van den Raed geteeckent, sonder die te laten komen in handen van anderen ofte met yemant te communiceren dan die van denselven Raedt; en sal den secretaris houden goede en pertinente registeren ofte memoriael-boecken van alle de resolutien en besluyten van de materien en saecken, die gehandelt en beslooten sullen werden in denselven Raedt, ten minsten die wesen sullen van importantie en notable consideratien met aanteeckeninge van de namen van de praesente heeren. Ende de saecken en materien beslooten en geresolveert zijnde by gemeene ofte de meeste stemmen, sullen alle die van denselven Rade indifferentelijck, 't zy die praesent ofte absent zijn geweest ofte van een of contrarie opinie, hun gesamenderhandt, sonder eenigh tegenseggen, laten gebruycken tot het goedt beleyt, effect ende onderhoudinge van de voorsz. besluyten en resolutien.

XLII. Den voorschreven Raedt, oordeelende noodig de verschrijvinge van derespective bondtgenooten, sal 't selve de vergaderinge van de ordinaris gedeputeerden ter Generaliteyt hebben te communiceren en soodanige beschrijvinge te versoecken, met insertie van de poincten daertoe dienende, ende in cas deselve gecommitteerden sulcks mochten komen te difficulteren, soo werdt den gemelten Raedt geauthoriseert daervan aen de respective provincien justificatie te doen, met gelijcke insertie van de redenen daertoe dienende, en in cas van comparitie, en sal sulcks niet strecken tot eenige prasjuditie van hare privilegien, van buyten hare provincien niet geëvoceert of beschreven te mogen werden.

XLIII. De residentie van den voorsz. Raedt sal, met goedtvinden van de ordinaris vergaderinge van de Staten-Generael, gehouden werden in een bequame en verseeckerde plaetse van de Vereenigde Provincien, sonder gehouden te zijn te blijven in seeckere plaetse pracise, maer sullen vergaderen ter plaetse, daer den dienst en het gemeene beste van den lande en bysonder de directie van de saecken van den oorlogh is vereysschende, ende sullen uyt den voorsz. Raedt t'allen tijden, in absentie van eenige deselver in commissie ofte andersints, in loco moeten verblijven ten minsten vijf persoenen uyt verscheyde respective provincien, opdat den dienst van het landt behoorlijck waergenomen werde.

XLIV. De gagien van de raeden werden gelaten ter dispositie van de respective provincien, daeruyt deselve gesonden werden, daermede sy hen sullen moeten contenteren, sonder dat sy eenige extraordinaris kosten tot laste van den lande sullen mogen brengen, anders als de vrachten en convoyen, en verdere als by de reglementen, die daerop sullen werden gemaeckt, geordonneerdt sal werden. Ende als een van den Raedt komt te overlijden ofte sijnen staet te verlaten, sal by de provincie, daeruyt die gesteldt is, een ander bequaem persoon, de Staten-Generael aengenaem wesende, genomineert en by de Staten-Generael gecommitteert werden.

XLV. Beneffens den voorsz. Raed sal gehouden werden een thesaurier en ontfanger-genlerael op de.gagien, hunlieden toe te voegen.

XLVI. Ende een secretaris op een tractement van acht hondert ponden 's jaers en op alsulcke instructien, als de Staten-Generael, by advis van den Raed, alrede hebben gemaeckt ende namaels maecken sullen.

XLVII. De depeschen van de saecken, volgens dese instructie ter dispositie van den voorsz. Raedt staende, sullen werden gedaen: wesende van alsulcke importantie en consideratie, dat voor den oorlogh deselve souden hebben gedepescheert geweest op den naem van de voorige princen deser landen, sullen op den naem ende onder het zegel en contrazegel en cachet van de Staten-Generael der Vereenighde Nederlanden by advis van den Raedt van State werden uytgegeven by dese onderschrijvinge: Ter ordonnantie van Mijn Heeren de Staten-Generael van de Vereenighde Nederlanden, ter relatie van den Raedt van State derselve.

XL.VIII. Ende de depeschen, die van soo groote importantie en consideratie niet en zijn, sullen uytgegeven werden op den naem van den Raedt van State van de Vereenigde Nederlanden, nochtans onder het zegel, contrazegel en cachet van de Staten voornoemt.

XLIX. Het zegel sal bewaerdt werden by een van de raedtsheeren, daertoe te committeren, die daervan gehouden sal wesen te verantwoorden, sonder hetselve in yemands handen te laten komen in eeniger manieren; ende sal van alle depeschen en het recht van 't zegel goedt register ende contrerolle gehouden en daervan betaelt werden den taux, by de Staten-Generael geordonneert ofte noch te ordonneren, ende sullen de profijten, daervan procederende, bekeerdt werden tot betalinge van de officiers van den voorsz. Raedt en andere noodelijcke saecken, tot dispositie van den Raedt.

L. Ende verstaen de gesamentlijcke bontgenoten voorsz., dat, tot conservatie van het recht van de Vereenighde Landen in 't generael ende particulier, sylieden van hen-met dese instructie niet en abdiceren de macht en het recht, om by de Staten-Generael en de Staten van de provincien in 't particulier, elck sooveel hen aengaet, by tijden van noodt ofte als de saecken van den lande sulcks sullen vereysschen, selfs ordre tot dienste van den lande in de saecke, by henlieden ter dispositie van den voorsz. Raedt gesteldt, te mogen stellen en executeren by directie van de saecken van oorloge te water en te lande, met alle hetgeen daeraen kleeft, ende namentlijck mede het doen van de monsteringen, houden van de discipline militaire, straffe van alle excessen, en in alle andere saecken. Verstaen oock, dat alle saecken, den staet, politie ende justitie van de voorschreve landen,, steden ende leden van dien, in 't generael en particulier, aengaende, ter dispositie van den Raedt niet expresselijck gesteldt, sullen blijven ter dispositie van de Staten-Generael, de Staten van de particuliere provincien, de magistraten van de steden en andere wettelijcke overigheden, elcks in haer reguard, ende sal mede het geven van de patenten aen de burgerhoplieden, soo wanneer deselve in tijdt van noodt, en den dienst van den lande sulcks soude mogen komen te vereysschen, buyten haer eygen steden sullen moeten werden gebruyckt, in de provincien blijven, daer sulcks behoordt, sonder dat den Raedt haer met het geven van soodanige patenten eenighsints sal mogen bemoeyen.

LI. Die van den Raedt van State voornoemt sullen ten aenvangh van haer dienst by eede haer expurgeren, dat sy, om denselven dienst te bekomen, niet en hebben gegeven nochte belooft eenigh geldt of geldswaerde of yets anders, hoedanigh hetselve soude mogen zijn, noch sullen geven ofte beloven, directelijck ofte indirectelijck ofte in eeniger manieren, bedenckelijck ofte onbedenckelijck; ende voorts belooven en zweeren, in handen van de Staten-Generael ofte derselver gedeputeerden, te wesen gehouw en getrouw deselve Staten-Generael van de provincien, die in de Unie en by de handthoudinge van de ware Christelijcke Gereformeerde religie sullen blijven, ende sullen by eede renuncieeren van alle particuliere correspondentien, 't zy met de provincien, steden of private en particuliere persoenen, voor sooveel 't selve den gemeenen beste mochte wesen hinderlijck, en dat sonder aensien te nemen op de provincien of steden, daeruyt sy zijn gebooren of ver-kooren, ofte particulier profijt derselver ofte van yemandt anders, ende alleenlijck voor oogen sullen houden de eere Gods ende de welvaerdt en conservatie der voorsz. landen ende de gemeene saecken; dat sy niet en sullen openbaren de communicatien, deliberatien ofte resolutien, die secreet behooren te blijven, ende dat sy daervan met niemandt en sullen spreecken buyten denselven Raedt ende insonderheydt niet met eenige ministers van uytheemsche Koningen, Princen, Republiquen en Staten, in wat geselschappen ofte met wien het zy, tenware met dien van denselven Raede van State apart, gescheyden van, alle anderen; item, dat sy niet en sullen ten dienste wesen van yemanden nochte ontfangen ofte genieten van deselve eenige pensioenen; dat sy niet en hebben nochte sullen nemen part of deel, directelijck of indirectelijck, in eenige wercken, die vanwegen het gemeene landt alreede zijn ofte noch sullen werden besteedt, nochte in eenige geestelijcke goederen, landen, schorren, slijcken ofte andere domeynen, die vanwegen het gemeene landt zijn verpacht, nochte in eenige convoyen, imposten of andere gemeene middelen, nochte in eenige leveringe van buspulver, scherp, artillerye, wapenen, koorn, rogge, boter, kaes, bier, haver ofte andere vivres, ammunitie van oorloge ende behoeften, hoedanigh die souden mogen zijn, die tot profijt en tot dienste van de gemeene saecken werden gebruyckt; dat sy niet en sullen koopen of by eenige andere titul overnemen of beleenen eenige ordonnantien, die tot laste van den lande in 't gemeen of van eenige provincien in 't particulier zijn verleendt, door haer selven, hare huysvrouwen, kinderen, familien of door yemant anders, wie het oock soude mogen wesen, of in den koop, overneminge en beleninge, by anderen gedaen, sullen participeren, directelijck ofte indirectelijck, noch door haer selven, hare huysvrouwen, kinderen, familien of yemant anders alsvooren eenige giften, gaven of geschenken sullen ontfangen, genieten of profiteren van eenige dingen, hoe kleyn die oock souden mogen wesen, oock van eerbare spijse of dranck, ende dat van yemandt, hetzy van steden, collegien, personagien of particuliere persoonen, die sy weten yets aen den Raed te doen te hebben ofte apparentelijck te sullen verkrijgen, ende dat soowel voor- als nadat de saecke afgedaen sal zijn; ende byaldien sy eenige soodanige giften souden mogen komen te ontfangen van yemandt, die sy namaels souden vermeenen yets aen den Raedt te doen te hebben, 't welck sy ten tijde van het ontfangen van de gaven niet en souden hebben geweten, of dat deselve namaels aen den Raedt yets te doen mochten krijgen, dat sy daervan den Raedt kennisse sullen geven en dat sy haer vorder praeciselijck sullen reguleeren naer den inhoudt van dese instructie en yder articul van dien en wyders doen, dat goede en getrouwe raeden van State gehouden zijn te doen, en dit alles by provisie.

II. Ingevalle dese instructie bevonden werdt te hebben eenige duysterheydt ofte dat deselve eenige alteratie, verminderinge ofte vermeerderinge soude vereysschen, sal daerop by gelegentheyt ter vergaderinge van de Staten-Generael, met kennisse en advis van den Raedt, gelet en gedaen werden na behooren.

Aldus gedaen ende in de vergaderinge van de voorschreve Heeren Staten-Generael gearresteert, den achttienden Julii sestienhondert eenenvijftigh.

Dat het eenentwinlighste articul, beginnende: alle ordonnantien etc., is gedresseert als volght:

Omme ordonnantien van betalingen in behoorlijcke forme te bekomen, sullen by de respective versoecken, ten selven fine aen den Raed gepresenteert, gevoeght moeten werden alle die behoeften, bestecken en andere bescheyden, ter saecke, waeromme deselve respective ordonnantien werden begeert, gehoorende; ende sullen deselve, door den gemelden Raed gevisiteert en geëxamineert zijnde, aen des Generaliteyts Reeckenkamer alsoo overgebracht werden, om aldaer oock gevisiteert, geexamineert en geliquideert te werden en specialijck na te sien, of het landt in de partyen, aldaer ingebracht, gehouden is of niet, vanwaer deselve wederom aen den gemelden Raet sullen gesonden werden, om door deselve alsdan daerop ordonnantie verleendt te werden, welcke ordonnantie by den heere praesiderende, neffens twee andere heeren van denselven Raedt, alle uyt verscheyden provincien, den thesaurier van 't selve collegie, naer voorgaende registratie folio tali, onderteeckent sullen werden; 't welck geschiedt zijnde, sullen deselve ordonnantien alsdan met de aangehechte stucken wederom in de voorschreve raedtkamer moeten gebracht werden, om geexamineert te werden, of deselve volgens ordre van 't landt geheven zijn of niet, en na gedane examinatie aldaer oock geregistreerd werden folio tali, ende sullen de ordonnantien van betalinge soodanigh geconditioneert moeten zijn, of sullen daerop geen betalinge door den ontfanger-generael mogen gedaen werden by poene van royeringe.

Uitgegeven: Groot Placaetboek IV('s-Gravenhage : Paulus Scheltus, 1705), blz. 125 vlg.: A.S. de Blécourt en N. Japikse, Klein plakkaatboek van Nederland (Groningen 1919)

Terugkeren naar Overzicht pagina costuymen etc.

Terugkeren naar Inhoudsopgave

Laatst bijgewerkt op 17 juli 2009